Hooggedoseerd effectief

Nutraminproducten zijn over het algemeen hoog gedoseerd. Het zijn zogenoemde orthomoleculaire voedingssupplementen. Bij de ontwikkeling ervan rekening is gehouden met de omstandigheden waarin de gemiddelde Nederlander heden ten dage leeft. Veel van onze huidige levensmiddelen zijn namelijk ontdaan van vitaminen en mineralen. Dit begint al in de Nederlandse landbouw. In 2008 werd bekend dat vanaf 1988 de aanwezigheid van vitaminen en mineralen in de zogenaamde ‘volle grond groente’ fors is teruggelopen, soms met meer dan 50%. Uit onderzoek van de Consumentenbond blijkt dat onze groente nauwelijks nog een essentiële stof als selenium bevat. Orthomoleculaire voedingssupplementen spelen in op deze omstandigheid. Om de lichaamscellen te voorzien van een 'optimale moleculaire omgeving' is het noodzakelijk de dagelijkse goede voeding aan te vullen met voldoende hoge doseringen voedingsstoffen.

Orthomoleculaire voedingssupplementen zijn over het algemeen hoog gedoseerd. Dit betekent dat de voedingsstoffen hoeveelheid in orthomoleculaire voedingssupplementen de officiële aanbevolen dagelijkse hoeveelheden (ADH’s) overstijgt.

In ons land fungeren de ADH’s als basis voor de Richtlijnen Goede Voeding en de ‘Schijf van Vijf’. Dit zijn de instrumenten om de Nederlander gevarieerd te laten eten. Het Voedingscentrum houdt daarbij vast aan het standpunt dat voor mensen die gevarieerd eten voedingssuppletie niet nodig is. Om nog maar te zwijgen van de hoeveelheid orthomoleculaire voedingssupplementen die nodig zou kunnen zijn.

ADH orthomoleculaire voedingssupplementen

In Nederland zijn de ADH’s voor de meeste vitaminen en mineralen vastgesteld door de Gezondheidsraad. De referentiewaarden blijken echter veel te verschillen tussen landen: er bestaan internationaal diverse tabellen met ADH’s. Desondanks is het onderliggend gedachtengoed hetzelfde. Mede hierom klinkt vanuit de orthomoleculaire voedingsleer kritiek op de ADH’s. Ook zijn de aanbevelingen gebaseerd op groepsgemiddelden en houden ze geen rekening met individuele variaties. Terwijl in het ideale geval de hoeveelheid orthomoleculaire voedingssupplementen wordt afgestemd op het individu.

Orthomoleculaire wetenschap

De inzichten van Linus Pauling hebben door de afronding van het Humane Genoom Project in 2003 echter een nieuwe impuls gekregen. De zogenaamde ‘biochemische individualiteit’ – een veel gehanteerd begrip in de orthomoleculaire wetenschap – lijkt binnen handbereik. In de toekomst zal eerst naar het individu worden gekeken en niet meer naar een statistisch – niet bestaande – gemiddelde mens. Genetische variaties zullen beter geïdentificeerd worden, en voeding en voedingsstoffen zullen hiervoor kunnen compenseren op individueel niveau. Met andere woorden: het zal mogelijk worden om de hoeveelheid orthomoleculaire voedingssupplementen volledig af te stemmen op het persoonlijke genetische profiel.